Een moestuinplan:
weinig ruimte, hoge opbrengst

Heb je een moestuinbak of een klein lapje grond? Ook dan kun je aardig wat lekkere maaltjes bereiden van je eigen groenten. Dat doe je door een slim moestuinplan te maken. Ik vertel je hoe.

Als je moestuiniert in de stad, heb je meestal niet veel ruimte. De vierkantemeterbak kan heel handig zijn voor in je stadstuin of op je balkon. Of misschien heb je wel een minimoestuintje in een buurttuin, net zoals ik. Maar hoe krijg je nou een beetje een leuke opbrengst?

Pionieren

Toen ik net begon met moestuinieren, deed ik maar wat. Mijn opbrengst was toen op zijn zachts gezegd teleurstellend. Ik zaaide dingen te laat, combineerde groenten die elkaar als buren helemaal niet mochten en had geen idee hoe lang het duurde voordat ik iets kon oogsten. Kortom: één grote (of kleine) chaos.

Maar al doende leert men. Nu maak ik voordat het moestuinseizoen losgaat een moestuinplan voor het hele jaar. En dat werkt!

Een moestuinplan maken

Het kost wat tijd, maar als je eenmaal een moestuinplan hebt, kun je dat gewoon elk jaar opnieuw gebruiken. Eventueel pas je hem later een beetje aan als je een nieuwe groente wilt proberen of iets eigenlijk niet te eten vindt. Dat laatste komt bij mij niet voor: ik vind alle groenten uit eigen tuin heerlijk!

Je moestuin inrichten? Dat doe je met dit stappenplan:

1. Kies je groenten

Natuurlijk teel je groenten die je lekker vindt. Maar als je een klein moestuintje hebt, is het slim om groenten te kiezen die veel opleveren. Bijvoorbeeld groenten die snel groeien, zodat je daarna weer iets anders kunt zaaien. Denk aan radijsjes, raapsteel, pluksla en rucola. Ook courgette is een goede kandidaat. Deze plant neemt wel veel ruimte in beslag, maar je kunt er soms wel 30 tot 40 courgettes van oogsten! Of wat denk je van de hoogte in gaan en zo ruimte besparen? Sugarsnaps, peultjes, doperwten lenen zich hier prima voor.

2. Zoek uit: wat zijn goede en slechte buren?

Niet alle groenten kunnen het even goed met elkaar vinden. Sommigen zijn dol op elkaar, anderen verpieteren in elkaars gezelschap. Verstandig om daar rekening mee te houden als je aan de slag gaat met je moestuinplan. Een handige site over deze combinatieteelt is tuinen.nl

3. Noteer zaai, plant- en oogsttijd

Klaar met stap 1 en 2?  Dan komt het echte uitpluiswerk: wanneer zaai, plant en oogst je wat? Ik ben zelf erg fan van het handboekje “Van zaaien tot oogsten” van Hans van Eekelen. Het is echt mijn moestuinbijbel. Per groente staat uitgelegd wanneer je zaait, uitplant en oogst. Ook lees je hoe diep en ver uit elkaar je moet zaaien en uitplanten. Ideaal! Kopen dat ding (nee ik heb geen aandelen).

4. Naar de tekentafel

En dan is het tijd voor de finale: je moestuinplan in elkaar flansen. Het is een kwestie van goed puzzelen: wat kan wel en niet naast elkaar? Hoeveel ruimte heeft een groente nodig? Wanneer kan ik een groente oogsten en er weer iets achteraan zaaien? Zet het allemaal in je plan. Ik ben zelf fan van papier dus ik teken mijn plan gewoon op 2 aan elkaar geplakte a4’tjes. Maar speciaal voor jou heb ik ook een digitaal moestuinplan laten maken.

Succes en veel moestuinplezier!