Sugarsnaps: van zaaien tot oogsten

Sugarsnaps kweken is niet ingewikkeld en het kan zelfs in pot. Maar er zijn wel wat dingen waar je rekening mee moet houden. Ik leg je stap voor stap uit hoe je sugarsnaps zaait, uitplant en oogst. Zo heb jij straks heerlijk knapperige groenten op je bord liggen.

Sugarsnap, of ook wel suikererwt, is een perfecte groente voor in een wat kleinere moestuin of op je balkon in pot of bak. Het zijn slanke planten, die je dicht op elkaar kunt zaaien. Ze nemen eigenlijk vooral ruimte in de hoogte in. En de opbrengst is in tegenstelling tot de doperwt flink. Ik heb vorig jaar aardig wat maaltjes gegeten van 2 rijtjes van 1,5 meter lang.

Sugarsnaps zaaien: wanneer en waarin?

Je zaait sugarsnaps vanaf begint maart in de volle grond of je zaait vanaf half februari thuis voor. Ik zaai eigenlijk altijd voor, want dan heb je minder last van vogels en muizen die je zaden oppeuzelen voordat ze zijn opgekomen.

Je kunt sugarsnaps op allerlei manieren voorzaaien: in wc-rolletjes, plastic potjes, bakjes van het afhaalrestaurant, een lege champignondoos of in turfpotjes.

Het voordeel van wc-rolletjes of turfpotjes is dat je ze zo de grond in kunt zetten, het materiaal vergaat vanzelf.

Grondsoort

Ik gebruik altijd speciale zaai- en stekgrond voor het voorzaaien. Waarom? Het is luchtiger en losser dan gewone potgrond waardoor de worteltjes zich makkelijker ontwikkelen. Bovendien zit er minder voeding in, waardoor de zaailingen niet té snel groeien. Daar worden je plantjes slap en iel van, terwijl je juist mooi gedrongen en stevige zaailingen wilt. Dit jaar zaai ik voor het eerst in kokospotgrond. Het zou veel beter water vasthouden, waardoor je minder water hoeft te geven. En je kunt het hergebruiken. Erg benieuwd!

Zaaidiepte

Als je een paar dagen wilt winnen, kun je de sugarsnaps een nachtje in water laten weken. De zaadhuid wordt dan zacht, waardoor het zaad sneller kiemt.
Als je thuis voorzaait stop je de zaden ongeveer 2 centimeter diep in de grond. Zaai je in de volle grond, houd dan zo’n 5 cm diep aan. Zo kunnen de muizen en vogels er minder makkelijk bij.

Standplaats

Je kunt de zaden binnen in een onverwarmde ruimte zetten of op een beschut plekje in je tuin, eventueel met vliesdoek erover. Zet ze vooral niet te warm. Zo is de overgang naar de volle grond straks minder groot. De zaden ontkiemen al vanaf 5 graden. Na 1-2 weken komen de sugarsnaps op.

Uitplanten

Als de zaailingen meerdere blaadjes hebben en de sugarsnaps zo’n 5-10 cm hoog is, kun je ze in maart buiten uitplanten. Sugarsnaps hebben niet veel nodig. Een beetje compost is genoeg. Zaai je in de volle grond, plant de zaailingen dan op ongeveer 3cm van elkaar aan beide kanten van bijvoorbeeld een klimrek uit. Wil je sugarsnaps kweken in een pot? Maak dan een soort tipi van takken of bamboestokken maken. Bij die laatste moet je ze wel een beetje begeleiden en vastbinden, want bamboe is glad.

Bloemen

Rond mei zie je prachtige bloemen verschijnen waaruit uiteindelijk sugarsnaps groeien. Vooral in deze periode is water geven bij droogte belangrijk, want de plant is hard aan het werk om mooie sugarsnaps voor jou te produceren. Wat je kunt doen om verdroging van je grond tegen te gaan is mulchen. Dat scheelt weer water.

De bloemen zijn uitgebloeid en de eerste sugarsnaps verschijnen.

Oogsten maar!

Sugarsnaps zijn klaar als de peul wat dikker is. Je kunt een schaar gebruiken om te oogsten, maar de peulen er ook gewoon met de hand vanaf halen. Je kunt oogsten in de maanden juni en juli.
Zelf eet ik mijn sugarsnaps altijd meteen op. Maar je kunt ze ook even kort blancheren en ze dan invriezen. Wat jij wilt!

Klaar om te oogsten. Lekker dik en knapperig!

Zoals je ziet, sugarsnaps kweken is een peulenschil. Zorg vooral dat de zaden niet voortijdig worden opgegeten en vergeet het watergeven niet bij langdurige droogte en warmte. That’s it! Verder doet de natuur zijn werk.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *